Zoute Vrouw is niet Blauw

Vandaag is het de deprimerendste dag van het hele jaar. Dat heeft de Britse psycholoog Cliff Arnall uitgerekend middels een wiskundige formule. De afgelopen drie jaar wordt dit elke derde maandag van januari breed uitgemeten in de online pers.

Volgens de Engelse versie van Wikipedia gaat het echter om de vierde maandag van de maand. Alleen al de onzekerheid omtrent de werkelijke datum is moordend en vooral: deprimerend.

De wiskundige formule zit zo in elkaar: Het weer (W), de tijd verstreken sinds kerstmis (T), schulden die u hebt (d), de tijd die is verstreken sinds je gestopt bent met je goed voornemens (Q), afgezet tegen je ‘motivatieniveau’ (M) en het gevoel dat je actie moet ondernemen (N).
Kijk:
[W + (D – d) x Tq]
———————-
M x Na

Mysterieuzerwijze zijn D en a in deze formule niet gedefinieerd.

De universiteit van Cardiff, werkgever van Arnall, heeft zich dan ook gedistantieerd van haar medewerker. Zoute Vrouw distantieert zich ook van Blue Monday. Zoute Vrouw is niet Blauw vandaag. Zij is juist flink op streek met de goede voornemens en neemt er nog eentje bij: op deze derde maandag van de maand januari gaat ze weer eens lekker beginnen.

Posted in Uncategorized | 1 Response

Zorgbarend

De laatste maanden heeft u, de Nederlander, in groten getale de film De Gelukkige Huisvrouw bezocht. In 2001 beschreefHeleen vanRoyen in de roman waarnaar deze film gemaakt is een bevalling die – ahum – niet bepaald vlekkeloos verliep. Van Royen schetste in haar boek haarscherp de twee kampen waarin de wereld van het Nederlandse bevallen verdeeld is: de vroedvrouw die wil dat alles zo natuurlijk mogelijk verloopt en die de hoofdpersoon drammerig de richting wierook en baarkruk duwt, tegenover de gynaecoloog die ongevraagd toucheert en over het ziekenhuisbed heen een gesprekje met haar man heeft over golf.

Het veelgeprezen Nederlandse systeem van thuisbevallingen met uitwijkmogelijkheid naar het ziekenhuis stond niet ter discussie. Onderzoek laat nu zien dat er bij een thuisbevalling wel degelijk sprake is van een verhoogd risico op een dood kind. De onderzoekers stellen onder meer een fusie van de beroepen verloskundige en gynaecoloog voor om het beste van deze twee werelden te verenigen. ‘Er is iets met de onafhankelijkheid van die twee waardoor zij niet optimaal samenwerken’, is het understatement waar onderzoeker Kwee mee komt.

De onderzoekers achten het daarnaast van groot belang dat vrouwen beter voorgelicht worden over de risico’s rondom bevallen. Dat lijkt nogal een open deur, maar dat is het niet. De bevalling van hoofdpersoon Lea in De Gelukkige Huisvrouw was géén dramatische, bloederige uitvergroting van deze gebeurtenis, maar eerder het relaas van een niet uitzonderlijke bevalling. Toch werd in de pers aanstaande moeders aangeraden dit boek vooral niet te lezen. Zij mochten eens weten wat ze te wachten staat.

Dat vrouwen blijkbaar niet voldoende geïnformeerd worden is ernstig. Dat er lieden zijn die denken dat het beter is als vrouwen niet geïnformeerd zijn over de realiteit van bevallen is op zijn zachtst gezegd verontrustend. Ronduit verbazend is het dat vrouwen niet zélf op zoek gaan naar informatie. Legio zijn de vrouwen die ik tegenkom die níet naar een zwangerschapscursus gaan (want ik ga echt niet zitten puffen en met andere vrouwen over maxi cosies praten), geen enkel boek openslaan over bevallen (je hoeft er niks over te weten want het is natuurlijk) of zich anderszins voorbereiden op deze, laten we wel wezen, wereldschokkende gebeurtenis.

Dat baart mij pas echt zorgen.

Posted in Uncategorized | Tagged , | 1 Response

Vrij

heijn_small-1Lieve Albert Heijn,

Graag wil ik voor Sinterklaas even vrij van uw ‘acties’. Lieve Albert, mag ik vragen of we eens een paar weken geen wuppies, welpies, tarzanpunten, eftelingfiguren, voetbalplaatjes, jungleboekbeesten, filmkaartjes of puzzelstukjes hoeven te krijgen?

Lieve oom Heijn, mag ik voor Sinterklaas dat u van al het geld dat het kost om die stickers, figuren, poppetjes, spaarkaarten en puzzels te maken, onze boodschappen gewoon wat goedkoper maakt? Weet u, dan houden we gewoon wat geld over om voor onze kinderen speelgoed te kopen dat ze zelf hebben gekozen. Iets dat niet alleen hun hebzucht naar nog meer aanwakkert. Speelgoed dat niet voor de helft op de grond voor de winkel terecht komt. Wat niet alle andere kinderen in de klas ook al hebben. Iets waar ze echt mee kunnen spelen in plaats van alleen maar sparen. Dingen die niet alle moeders en vaders stiekem snel in de prullenbak gooien omdat ze moedeloos worden van de troep die het oplevert. Speelgoed waarvan we niet alleen maar denken: wat een milieuvervuiling.

Lieve Appie, sinds wanneer vinden kinderen van 8 puzzelen nou echt leuk? Lieve oom Ab, ik wil niet precies aan de hand van het aantal puzzels (smurfen, welpies, wuppies of junglepunten) kunnen uitrekenen hoeveel geld ik bij u heb uitgegeven. Lieve AH, we zouden ook best eens ergens anders boodschappen willen doen, maar bij ons in de wijde omtrek zijn er alleen maar Alberten Heijns te vinden.

Oh ja, en meneer Heijn, mag ik ook voor Sinterklaas dat er niet in september al pepernoten in de winkel liggen? 1 November lijkt me méér dan vroeg genoeg.

Ik weet dat het veel gevraagd is, maar ik ben héél braaf geweest.

Kusje,

Zoute Vrouw

Posted in Uncategorized | 2 Responses

Algemeen

Er moet me een kleine taalirritatie van het hart. De laatste tijd valt me opeens de zinsnede ‘in zijn algemeenheid’ op. Matthijs van Nieuwkerk (bron VARA)Matthijs van Nieuwkerk zegt het bijvoorbeeld héél vaak. Huh? Jeroen Pauw zegt het ook. Daar schrik ik toch van. Als twee niet onaanzienlijke leden van het vaderlandse journaille zich dit regelmatig laten ontvallen, dan zal het wel aan mij liggen dat ik het heel LELIJK vind, mensen. Maar belangrijker: wat betekent het eigenlijk?

Ik ken de zinsneden: ‘in het algemeen’, dus als we de uitzonderingen daarlaten, of ‘over het 67bd76cb-2611-4527-85a5-ba3fd26840bc_pauwiealgemeen’, meestal, dus. Ook is mij dé algemeenheid bekend: een cliché, een dooddoener, een opmerking zonder inhoud. Iemand kan in algemeenheden praten. Dat betekent dat hij of zij zich van veel nietszeggende zinsneden bedient. Maar ‘zijn algemeenheid’? Over wiens algemeenheid gaat het dan? En één algemeenheid der dingen, bestaat die?

Een kleine zoektocht op internet om te kijken wie deze uitdrukking zoal bezigt en hoe dat er dan uitziet, levert de volgende voorbeelden op:
‘In zijn algemeenheid is CSM van mening dat de Commissie Tabaksblat een serieuze aanzet heeft gegeven tot het formuleren van een aantal uitgangspunten die…’ etc. (In een brief van de Raad van Bestuur van het bedrijf CSM aan de secretaris van de Corporate Governance Commitee). De toegevoegde waarde van ‘in zijn algemeenheid’ is mij onduidelijk. Laat het weg en een volkomen heldere zin is het resultaat. Of zijn er misschien een paar mensen bij CSM die niet precies diezelfde mening zijn toegedaan? En die bij het formuleren van de brief er op gestaan hebben genoemd te worden? Dan zou hier: ‘in het algemeen’ op zijn plaats zijn.

Deze is ook mooi: ‘Wat zijn in zijn algemeenheid de gevolgen bij overlijden?’. (Komt van de site van de Samenwerking Vastgoedinformatie Heffing en Waardebepaling. Echt.) Bedoelt men hier: ‘Wat zijn in het algemeen (dus de uitzonderingen daargelaten) de gevolgen bij overlijden?’ (?!) Of: ‘Wat zijn over het algemeen (meestal) de gevolgen bij overlijden?’ In beide gevallen zijn de gevolgen behoorlijk vervelend, dunkt mij.

Helemaal onwaarschijnlijk is bijvoorbeeld: ‘beleggers zijn in zijn algemeenheid gewoon dom’. Dat mag waar wezen, maar beleggers zijn dan toch minstens in hún algemeenheid dom. Toch? Of betekent dat weer iets heel anders? Nu ben ik in de war.

‘In zijn algemeenheid’ lijkt me typisch zo’n zinsnede die 1) gebruikt wordt om de spreker interessanter te doen klinken en 2) eigenlijk niets betekent. Een overigens vaak voorkomende combinatie.

Over het algemeen wordt ‘in zijn algemeenheid’ dus vooral gebruikt door mensen die in algemeenheden spreken.

Posted in Uncategorized | 6 Responses

Babycompetitie

sumo_babiesZodra de eerste spruit geboren is komt er een bepaalde waanzin over moeders. Héél raar is dat. Opeens praten anderszins intelligente en aardige vrouwen over de vorderingen van hun pasgeborenen alsof het geweldige prestaties betreft. Vaders doen dit in mijn ervaring overigens in veel mindere mate. Even kijken of u het herkent: babies die al met elf maanden lopen. Alsof dat heel knap is en belangrijk. Heeft u ooit over iemand van in de dertig gedacht: ‘Kijk hem, je kan echt zien dat hij vroeg heeft leren lopen’? Babies die met acht maanden hun eerste woordje zeggen. Kunnen die de rest van hun leven beter praten? Worden die politicus of talkshow-host? Of die met drie maanden al zelf om kunnen draaien. Topatleten in de dop?

Het gekke is, dat als je zelf moeder bent, je niet aan de vergelijking ontkomt. Als een kind iets heel vroeg doet of heel goed kan, doet/kan jouw kind dat dus niet. Mijn zoon kon pas met anderhalf lopen. En hij leerde in groep drie lezen, net als alle andere kinderen. Is hij nu de rest van zijn leven gedoemd achter te blijven? Middelmatig? Onsportief? Dom?

Soms lukt het een moeder om op wel heel subtiele wijze de superioriteit van het eigen nageslacht te benadrukken. Zo kwam laatst een kennis met een ongeveer even oude baby op verlaat kraambezoek. Twee nieuwe mensen samen in de box, schattig natuurlijk. Ik probeerde de bezoekende baby aan het lachen te maken. Maar wat ik ook deed, de baby lachte niet terug. ‘Nee’, zei de moeder zelfverzekerd, ‘ze lacht alleen als zij daar zelf zin in heeft. Niet om anderen een plezier te doen’.

Dus. Met dit venijnige zinnetje was mijn eigen goedlachse zuigeling in één klap gedegradeerd tot een karakterloze sukkel. Die lacht naar iederéen, om anderen een plezier te doen. Een pléaser!

Ik begrijp het best hoor. Het is een hele prestatie, wat de mens in ontwikkeling zich allemaal eigen moet maken. Als ouder is het leuk om daar over te praten. Maar heel veel moeders hangen al hun social skills aan de wilgen als het over hun pasgeborene gaat. Ik zal u dan ook niet vervelen met wat mijn nieuwe baby allemaal wel en niet kan. Dat komt later wel, als hij bijvoorbeeld de schone verbrandingsmotor heeft uitgevonden of het mondiale voedselvraagstuk oplost.

Posted in Uncategorized | 1 Response

Zelf Koken

kitchenIn mei stond in NRC Handelsblad een interview met cardiologe Yolande Appelman. Zij vertelt over de atypische klachten die vrouwen hebben bij hartinfarcten waardoor vaak een late, of verkeerde diagnose gesteld wordt. Een akelig probleem dat vrouwen treft. Appelman heeft geen kinderen. In het interview zegt ze dat ze af en toe wel denkt dat vrouwen die werken en kinderen hebben het zichzelf erg moeilijk maken. Oeioeioei. Dat had Yolande nou niet moeten zeggen.

Want hoewel Appelman het probleem van de verkeerde diagnoses aankaart en zich inzet deze situatie te verbeteren heeft ze toch de toorn van een aantal vrouwen over zich heen gekregen. Ik citeer uit een boze brief: ‘Ik ken genoeg artsen van haar leeftijd die evenals zij gepromoveerd zijn, een mooie baan in het ziekenhuis hebben, daarbij ook chef de clinic zijn, en ook drie kinderen hebben, zelf koken en een deel van het huishouden doen’. Toe maar! Je zou er moe van worden. Ik hoor vaker zulke opsommingen die eindigen met: ‘… en ze doet ook nog zelf…’ vult u maar in. De bedoeling is duidelijk: deze vrouwen dienen bewonderd te worden. Zelf vind ik vrouwen die een (zware) baan én kinderen hebben, en die zelf het huishouden doen bepaald geen goed voorbeeld. Want wat is er precies zo heldhaftig aan om álles zelf te doen?

Deze werkende moeders zorgen er zelf voor dat zij er de facto twee banen op na houden: die van moeder en huishoudster en hun reguliere baan. Dat zou een man natuurlijk nooit doen. Iedereen weet dat in de afgelopen decennia de man maar heel weinig meer uren aan het huishouden is gaan besteden. En neem het ze eens kwalijk! Groot gelijk hebben ze, die mannen. Ze doen het gewoon niet. En vrouwen doen het vaak wel. Maar dat hoeft niet hoor! Als beide ouders een baan hebben is het zaak dat iemand anders het huishouden doet en bijvoorbeeld kookt. Goed voor de werkgelegenheid ook, dat is dan weer iemand anders zijn of haar baan.

Wedden dat zoiets niet speelt bij homosexuele stellen m/v? Die stoppen alle twee wat in de pot voor huishoudster (m/v), schoonmaakster (m/v) of kok (m/v). Of bij alleengaande moeders met gezond verstand en een baan? Die zorgen er als het even kan ook voor dat sommige taken overgenomen worden, al was het maar door Albert. Kook vooral als u dat erg leuk vind. Maar laten we afstappen van de vrouw die weer slachtoffer is van de grote boze mannenwereld. Als u een (drukke) baan heeft en u kunt het (daardoor) betalen, zorg dan dat iemand anders (een gedeelte van) uw huishouden doet of voor u kookt. Opeten, dat moet u wel zelf doen. Gezellig, samen met man en kinderen.

Posted in Uncategorized | Tagged , | 2 Responses

Erotiserend

Op een prachtige dag in juli zaten wij met wat familie en bekenden in de tuin aan de borrel. De namiddag was zwoel, de prosecco koud, de kinderen speelden om ons heen. Mijn dochter van drie liep op deze middag rond in haar onderbroek en haar kaplaarzen. Schattig. Eén van de aanwezige mannen merkte op dat hij deze outfit ‘erotiserend’ vond. Zo zout had Zoute Vrouw ze nog nooit gegeten. En hij zei het niet één keer, maar wel drie. Nu denkt u natuurlijk dat hier een lange tirade volgt over wat er allemaal loos is met een man in grootvaderlijke leeftijd die iemand van drie ‘erotiserend’ vindt en dat ook nog durft te zeggen. Ik zou niet weten waar ik moest beginnen. Nee, het gaat mij om dat woord: erotiserend. Tegenwoordig hoor ik het te pas en te onpas, erotiserend. Zo blijkt ‘downdaten’ erotiserend te zijn voor slimme vrouwen (daar wil Zoute Vrouw het ook nog wel eens over hebben), zijn er mensen die een sauna ‘best wel erotiserend’ vinden en kun je op internet allerlei erotiserende kruidenmelanges aanschaffen. Volgens mij is iets erotisch. Of niet. Maar erotiserend? Waarom zou je het zo gebruiken?

Erotiserend zou logischerwijs erotisch makend betekenen. Van Dale is het met me eens: erotiseren betekent ‘een erotische tint geven’ of ‘van erotiek vervullen’. De enige zegswijze die ik zelf ken met dit woord is: macht erotiseert. Dat wil dus zeggen: macht maakt een anderszins onaantrekkelijke man erotisch. Daar ga ik maar even van uit, andersom, met een machtige vrouw, werkt het volgens mij juist averechts, maar daarover een andere keer. Bovendien werkt het heus niet altijd zo. Ik wijs u maar even op onze Minister President.

Terug naar de tuin. Een kind in onderbroek en kaplaarzen is dus volgens deze meneer erotiserend. Nee, ik ga het er écht niet over hebben. Maar waarom dan niet gewoon zeggen: ‘dat is erotisch’ of: ‘dat vind ik erotisch’? Misschien ging hem dát nou net te ver. Misschien schept de toevoeging –eren een bepaalde afstand waardoor hij dacht toch iets te zeggen wat acceptabel is (quod non). Of, en dat lijkt me gezien de verspreiding van dit fenomeen aannemelijk, misschien denkt men dat het interessanter of spannender klinkt. Mensen, dat is niet zo! Het is wollig, onduidelijk en aanstellerig. Het eraan plakken van de uitgang -eren, hoewel en vogue, is gewoon onnodige moeilijkdoenerij. En in dit geval ook nog onsympathiekiserend en walgelijkerend.

Posted in Uncategorized | 3 Responses

Hardlopen

Eenieder die geïnteresseerd is in de staat van emancipatie van de Nederlandse man raad ik aan het volgende experiment uit te voeren: ga eens hardlopen. Een greep uit de gemiddelde reacties in de eerste tien minuten: ‘Lekker sportief jij, mag ik meedoen?’. Het zijn altijd vuilnismannen van over de honderd kilo die dit vragen en die een slordige tweehonderd meter op mijn tempo waarschijnlijk niet zouden overleven. En geloof me, met dat tempo valt het echt wel mee. ‘Hé dame, dat is toch helemaal niet nodig!’, is hoewel aanzienlijk positiever, toch eigenlijk net zo erg.

De Neanderthalerkroon wordt desalniettemin gespannen door hen die vanuit hun auto’s toeteren, lachen en veelbetekenend hun wenkbrauwen optrekken. Sociologisch beschouwd is het boeiend gedrag. Op het eerste gezicht is de reactie die deze mannen verwachten dat ik vrolijk op hun uitnodigingen inga, dan wel blij ben met hun ‘complimenten’. Maar ik ben niet voornemens vuilnismannen, Surinaamse zestigers of andere mannen uit te nodigen om met me mee te rennen, om met mij iets te gaan drinken na het rennen, óf, en daar lijken ze tóch op uit te zijn: om dan maar snel mee de bosjes in te gaan om uitzinnig te gaan copuleren. Ik was namelijk aan het hardlopen. Een solitaire bezigheid. Had ik gezelschap gezocht, dan had ik hockey, korfbal of een andere gezellige sport gekozen. En dat weten die mannen heus wel.

Ze zeggen vast tegen zichzelf en elkaar dat het leuk is, dat het gezellig is en grappig. Dat ze er niets kwaads mee bedoelen. Maar ze geloven niet echt dat ik het leuk vind. Ze geven toe aan hun diepste oergevoelens. Het heeft bij de beschaving van de afgelopen paar duizend jaar duidelijk geen prioriteit gekregen om hier eens iets aan te doen. Vrouwen die loslopen zijn er om op gejaagd te worden en een onderdeel van jagen is opjutten en bang maken. Dat is wat die mannen eigenlijk aan het doen zijn, en ze weten het zelf niet eens. Gelukkig kan ik hard lopen.

Posted in Uncategorized | Tagged , | 5 Responses